Blogberichten Azoren – Terschelling

juni 7, 2020 0 Door Johan

Hieronder de blogberichtjes die we onderweg van de Azoren naar Terschelling via predictwind hebben geplaatst.

1. Dag 1: En we zijn weer weg

Nadat we een paar dagen harde tegenwind hadden afgewacht, leek het donderdag dan toch echt een goede mogelijkheid om te vertrekken naar Nederland. We zitten op de één of andere manier allebei een beetje aan te hikken tegen het laatste stuk. Het zijn wellicht de vervelende ervaringen van de reis naar Horta maar ook de weersvoorspellingen werken niet mee. Alleen maar tegenwind of geen wind. We weten dat het onzin is om verder dan 5 dagen voor uit te kijken. Maar het vooruitzicht om weer alles aan de wind te doen staat ons tegen.
Maar goed we moeten terug en omdat het niet beter wordt, gingen we donderdag om 5 uur anker op. Het was nog een heel gevecht om het anker los te krijgen. Moet ergens vast achter gezeten hebben. Het is bekend dat er een hoop rotzooi in de haven van Horta ligt.
We hadden besloten om eerst maar even ten zuiden van Pico te varen. De reden was dat we wat veranderingen aan boord hadden. (verstaging, aanpassingen in de outhaul en natuurlijk de stagfok die bij de mast gehesen moet worden) Die wilden we niet in een stampend zeetje boven Horta proberen, maar in de betrekkelijke luwte van Pico.
Het zetten van de stagfok is inderdaad nog wel een dingetje en kost best wel de nodige tijd en kracht. Waar het hiervoor een kwestie van inrollen en uitrollen is (halve minuut) is het nu echt een operatie.
Naar voren, alle zeilbandjes los, omhoog lieren, lijn opschieten. Je bent zeker5 minuten bezig. En de fok wordt vies op het dek zagen we al. Betekent vooral dat we iets minder flexibel en wendbaar zijn.
Maar goed: de boel staat en we varen. En waar ik zei betrekkelijke luwte was het toch vooral: behoorlijke luwte. Jammer, maar we hebben een beetje vaart.
Op dat moment: Ilse spot een boot met een wat rommelige koers. Ook horen we wat onverstaanbaar gebrabbel over de marifoon. Maar goed. Nog geen aandacht aan geschonken. Tot Ilse iets beter kijkt en een soort van seinen met een zaklamp ziet.
Toch maar even uitchecken. Eerst maar even de stagfok naar beneden die er net 5 minuten op staat. Jammer van de moeite.
Afijn, we komen bij de boot en zien een houten bootje, amper 7 meter lang met buitenboordmotor en een oude man erin. Hij vertelde dat hij 5 weken geleden vanuit Guadalupe was vertrokken en dat de motor het niet meer deed en dat het hem niet was gelukt om noch Flores, noch Horta te bereiken.
Hij gaf aan dat hij alleen maar ergens voor anker wilde om later de mast in te gaan en de reparatie uit te voeren. Dat zag je met zijn 74 jaar (vertelde hij) niet meer zitten. Ik vroeg op mijn beste Frans “Avez vopus Beaucoup d’eau”. Maar deze Fransman ( alleen Fransen doen dit: als het drijft en er kan een zeil op, dan steken alleen Fransen de oceaan ermee over) had water en eten genoeg.
Na een half uurtje tuffen hadden we een mooie ankerplek gevonden en afscheid genomen. Hij was ons zeer dankbaar en als we ooit in de buurt waren van ??? (Onverstaanbaar) in Bretagne dan moesten we maar naar Armand vragen en dan werden we met alle egards ontvangen.
Er varen echt talloze van dit soort gevallen rond op de op oceaan. Ongelooflijk.

Wij hebben onze tocht vervolgd. Het is inmiddels weer licht. Zonnetje schijnt. 15 knp wind en het is best wel lekker. Helaas varen we niet in de goede richting maar we hebben wel vaart.
Morgen meer.

2. Dag 2: lekker zeilen

We hebben de archipel Azoren inmiddels achter ons gelaten. De eerste slag was zoveel mogelijk noord. Dat ging eigenlijk verbazingwekkend goed op het zeil. De wind begon met rond de 15 knp maar zakte al snel in tot een schamele 7-9 knp. Omdat we met een opvallend vlakke zee te maken hebben, weten we er gelukkig toch nog een mooie vierenhalve knoop uit te persen. We hebben ook nog eens weinig helling dus een prima koers voor de avond en de nacht. We kunnen in een heerlijk zonnetje nog genieten van een curry maaltijd die Ilse al voor vertrek had gemaakt en ingevroren. Het kan slechter en het begin is in ieder geval prettig.
Na mijn slaapje tot 5 uur, word ik wakker gemaakt door Ilse. Is altijd even taai. Buiten bed is het koud en we overleggen over de koers. De vaart is nog steeds redelijk maar de richting is te veel west aan het worden. Als ook Mattijs doorgeeft dat ons volgende waypoint ver in het noordoosten ligt, besluiten we om overstag te gaan. Dat pakt goed uit. We varen momenteel een koers van zo’n 60 graden met zo’n vaartje van 5,5-6 knp.
We profiteren maar van de wind zo lang het duurt want voor de komende dagen staat er een flink windstilte gebied voorspeld. Daar moeten we doorheen om weer wat wind op te pikken. Om Diesel te besparen proberen we dat echter zo lang mogelijk uit te stellen.
Een groot verschil met de vorige leg is ook dat we een volle maan onderweg hebben. Daar kun je ’s nachts prima mee zien. Is erg prettig. Ik zal de volgende keer nog wat meer dingetjes over de maan tijdens het varen vertellen (dingen die ik in ieder geval niet wist, maar wel opvielen). Stay tuned.

3. Dag 3: motoren, motoren

Nou, ik had de vorige blog nog niet gepost of hup, weg was de wind. Dus die 6 knp werden er al gauw 5 en 4 en uiteindelijk hebben we vanaf 12 uur de motor gestart. Door een regenbui die langs dreef hebben we ’s middags nog een uurtje het zeil er op kunnen zetten, maar voor de rest is het motoren, motoren, motoren. Geen hobby van ons, maar tijdens ons vertrek wisten we al dit er aan zat te komen. Dit duurt nog zeker zondag en maandag. Het enige vervelende is dat we nu aan het begin van onze overtocht een flink deel van onze dieselvoorraad er doorheen stoken. Het moet uiteindelijk voldoende zijn, maar je wil dat eigenlijk aan het begin zoveel mogelijk beperken. Daarom houden we het toerental en daarmee het dieselverbruik beperkt. Helaas ligt daarmee de snelheid ook wat lager.
Dat geldt eigenlijk voor de hele trip tot nu toe. We gaan niet bijzonder hard. Dag afstanden van 100 Nm hebben we tot nu toe. Ook het zeilen van gisteren was wel lekker maar ging door weinig wind niet heel hard.

Ik zou nog wat vertellen over de maan, wat dingen die vast bij iedereen bekend zijn maar voor mij nieuw.
Allereerst: het sikkeltje van een wassende en afnemende maan. Wij zijn in Nederland gewend dat die van rechts (wassend) naar links (afnemende) gaat. Wat me opviel toen we naar Suriname voeren en steeds dichter bij de evenaar kwamen, was dat het sikkeltje steeds meer onderuit ging zakken. Mijn vermoeden (maar hier geen internet bij de hand om dat te checken) dat ie op de evenaar van ander naar boven gaat en op het zuidelijk halfrond van links naar rechts. Ik ben natuurlijk best wel eens op vakantie geweest rond de evenaar of op het zuidelijk halfrond, maar het is me nooit zo opgevallen. En tijdens zo’n wacht op zee ontkom je daar niet aan, voldoende tijd.
Tweede dingetje. Elke dag verschuift de opkomst en ondergang van de maan met ongeveer een uur. Dus net na nieuwe maan heb je dat hele kleine sikkeltje wat je dan net aan het het begin van de nacht nog net even kan zien. Gelukkig is ie de volgende nacht èn iets groter èn iets later onder. Dat gaat zo door tot het volle maan is en de maan precies de hele nacht bij schijnt. Een soort van dubbele bonus. Ik wist niet dat dat precies samen viel. nogmaals: iedereen weet dit natuurlijk maar voor mij was het nieuw. En nu zitten we dus rond volle maan en het is echt alsof je met je nachtlampje aan aan het zeilen bent. Erg prettig.

Nou, morgen meer. Horta ligt inmiddels 250 Nm achter ons.

4. Dag 4: en we zeilen weer!

Zul je altijd zien. Nadat ik dat verhaal over de maan in de blog had gezet, zaten we ’s Avonds nog heerlijk in het avondzonnetje te genieten. Toen we weer even naar voren keken zagen we een enorm dik wolkenpakket liggen, daar zijn we aan het begin van de nacht in gevaren en pas ’s ochtends kwamen we er weer uit. Geen maan gezien.
Maar nu wel weer een heerlijk zonnetje. De wind is opgepikt en we varen heerlijk op een nog steeds hele vlakke zee met een knoopje of 4,5 richting noorden. De wind moet in de loop van de dag allengs meer worden waardoor we dus ook wat sneller gaan lopen. (Terwijl ik dit schrijf lopen we al weer 5,7 knp)
We gaan overigens vanuit Horta redelijk Noord (en niet rechtstreeks het kanaal in). Dat is normaal gesproken ook de aanbevolen route om niet met vervelend weer in de Golf van Biskaje terecht te komen (is ook een beetje omdat Mattijs zegt dat we pak Noord moeten varen, hoor!)
Over niet al te lange tijd verleggen we onze koers meer oostelijk.
Maar dus so far so go

5. Dag 4: vergeten

Ilse wordt wakker en ik vertel haar dat ik inmiddels niet meer op de motor vaar en alle zeilen heb gezet en de blog heb geplaatst, vraagt ze: “Heb je verteld van die walvissen?”
Nee. Stom!
Gisteren was er dus helemaal geen wind en de oceaan ook helemaal blak. Het voordeel is dat je dan veel meer kan zien. Uiteraard de dolfijnen die zo af en toe meestemmen en ( weliswaar steeds minder) Portugese Oorliogsschepen. Maar we zagen in de verte ook een groep walvissen. Ze waren goed te herkennen aan die ‘geisers’ uit hun spuitgaten.
Toch nog wel de moeite van het vermelden waard.

Morgen meer.

6. Dag 5: de sokken erin

Ik had echt nooit over die maan moeten beginnen. Sindsdien geen maan meer gezien. Ook geen zon trouwens. Na de eerste zonnige en rustige dagen in het vanaf nu een grijze en grauwe boel. Heel weinig aan. Maar het belangrijkste, de wind is wel goed. Sinds de wind gisteren aantrok zijn we aan een slag begonnen die nu nog steeds en morgen waarschijnlijk ook nog voortduurt. We zijn ruime wind met zo’n 8 knp begonnen, maar de wind is flink geruimd en toegenomen waardoor we nu zo rond de 15 knp hebben die half in valt. We varen nu ook bijna in de goede richting van het kanaal. Dus het opzoeken van de hoogte en het pal noord varen betaalt zich nu uit. De snelheid is goed zo rond de 7 knp. De zee is niet meer zo vlak als de eerste dagen, maar nog goed te doen. Alleen ziet nee ingang van het kanaal er qua weer wat onrustig uit als we daar volgens planning Rond zaterdag aankomen. Maar dat kan nog wat veranderen.

Dan nog iets over de verschillende nationaliteiten op het water (wat nu volgt is natuurlijk een beetje kort door de bocht, maar niet helemaal bezijden de waarheid). Ik had het een paar blogs geleden over die Fransman. Het is echt geen toeval dat deze man Frans was. Er zijn natuur Fransen met goed uitgeruste boten, maar als je een onooglijk en niet zeewaardig bootje ziet, weet je al meteen dat het een Fransman is. Je verbaast je vaak dat die dingen nog drijven. Ook het ankeren van de Fransen is berucht. Ze komen aanvaren, gooien hun anker overboord en klaar! Niets testen of in laten graven.
Als er ’s nachts als de wind opsteekt een boot op de ankerplaats langs komt krabben dan is het 9 van de 10 keer een Fransman. En dan heb ik het nog geen eens gehad over hun Engels over de marifoon. Meestal ( zo ook in Horta) beginnen ze in het Frans (toch gewoon proberen) als het dan toch in het Engels moet is het èn niet te verstaan èn weten ze de meest basale zeiltermen (grootzeil) niet in het Engels let wel: de goeden niet te na gesproken.
Over de Amerikanen. Die doen er alles aan om de overdekte leefruimte buiten de boot zo groot mogelijk (lees zoveel mogelijk m3) te maken. Dat betekent dat de buiskap bij voorkeur loodrecht omhoog loopt en zo hoog mogelijk tot aan de giek en dan recht naar achteren en zover mogelijk over de gangboorden. Liefst met heel veel transparante vlakken er in. We hebben echt de lelijkste gevaartes gezien. Ik denk dat wij een buiskap zien als een noodzakelijke kwaad en proberen de lijn van het schip nog een beetje in orde te houden. Dat lijkt dat bij hen echter geen rol te spelen.
Overigens hebben we de Amerikanen als uiterst vriendelijk en behulpzaam ervaren. Dus het zijn over het algemeen erg aardige mensen. (Wel hebben ze dan meestal wel weer een pistool aan boord, dat is dan wel weer een dingetje. Is ook standaard vraag op de inklaringsformulieren op bv de Bahama’s)

Morgen meer

7. Dag 6: Gaat nog steeds lekker

Waar we de eerste dagen tegen dag afstanden van rond de 100 Nm zaten aan te kijken hebben we gisteren maar liefst een record van 174 Nm afgelegd. En dat ook nog een keer in min of meer de goede richting. We zijn dus hartstikke blij daarmee.
Schiet dus lekker op maar we zijn er nog lang niet tot woensdag houden we zo’n beetje dezelfde koers en dan gaan we langzamerhand afbuigen richting oosten.
Donderdag en vrijdag worden nog een beetje grimmige dagen maar zaterdag moet de boel dan weer een beetje opklaren.

Misschien leuk om nog even te vertellen hoe we met het afval omgaan tijdens onze oversteken. Voor vertrek proberen we al zoveel mogelijk van het verpakkingsmateriaal te lozen. Tijdens de reis gaat alles wat maar enigszins ontbindt op zee overboord. Dus alle Gft en etensresten, maar ook bv keukenpapier enzo. Alle potten die we leegmaken, wassen we af en gaan terug de voorraadkast in. Op die manier resteren eigenlijk alleen blik en plastic. Voor het plastic hebben we dan nog een mooie oplossing in de vorm van een 5 liter waterfles. Daar proppen we alle plastic verpakkingen in. Als die vol is stampen we de boel nog een keer goed aan en dan kan er vaak nog zo’n hoeveelheid bij. En dat nog een paar keer. Dat scheelt echt heel veel volume in vergelijking met als je het in de vuilnisbak gooit. De blikjes drukken we uiteraard goed samen en zodoende kunnen we tijdens zo’n overtocht uit met 2 kleine vuilniszakken en dus een volle waterfles
(Ps: iets zegt me dat ik hier al een keer over geblogd heb, maar weet dit niet select. Excuus als dit het geval is)

8. Dag 7: één week onderweg

En nog een keer een dag met 174 Nm. Dat schiet op. We hebben inmiddels wel besloten om iets zeil te minderen. De komende dagen verwachten we meer wind en we proberen met name iets meer comfort in de boot te krijgen. Dit is al zo’n beetje de vijfde dag dat we onder een hoek van 20 graden door de boot moeten manoeuvreren en dat is behoorlijk vermoeiend.
Vanmiddag om 5 uur zijn we precies een week onderweg. En op zich redelijk afwisselende weersomstandigheden en situaties meegemaakt. We vinden het nu allebei wel weer tijd voor een wat rustiger bakstag koersje.
Oh en overig bijzonder blij met onze windvaan, die staat nu al de hele reis rond de klok te sturen. Het is echt een klein wondertje. Kost geen stroom, er hoeft geen voedsel in, zeurt niet, alleen maar sturen en nog eens sturen.
Ps: meestal krijgt zo’n windvaan een naam. Bij ons heet ie Frank. Er zijn mensen (voor alle duidelijkheid: ik niet) die vinden dat dit altijd een mannennaam moet zijn. Vanwege dat niet zeuren, hè) :wink:

9. Dag 8: grijs, grauw en somber

Tja, dit soort dagen zitten er ook tussen. Hadden we gisteren nog af en toe wat stukjes blauwe lucht en zon, vandaag is het één en al somberheid. Het is daarbij ook nog eens guur en koud (13 graden). We begrepen dat het in Nederland maar liefst 26 graden is. We kunnen niet wachten.
Gisteren hebben we bijna de hele dag dolfijnen onder rond de boot gehad. Omdat het nogal onstuimig was, kon je ze slecht zien. We signaleerde ze dan ook via de dieptemeter, die versprong in één keer naar drie meter, vijf meter, zeven meter. Terwijl het hier zo’n 5000 meter diep is. Vervolgens naar buiten gegaan om ze te spotten en dat lukte gelukkig wel. Zijn echt wel de hele dag mee gezwommen.
We vinden het al met al best wel een takke-end naar Nederland. Maar goed, we schieten op.
Koers is nog steeds richting het Engels kanaal. Gisteren een dagafstand van 130 Nm. We zijn inmiddels over de helft van de afstand Horta – Terschelling (dat is eigenlijk onze eerste bestemming in Nederland). Vandaag nog een andere mijlpaal en dat is dat we vanaf vertrek vorig jaar maar liefst 12000 Nm hebben afgelegd. Daar doe je normaal gesproken zo’n 6-8 seizoenen over, schat ik.

Net heeft Ilse voor ons beiden een lekker eitje gebakken. Dat is in ieder geval een goed begin van de dag.

Nou hopelijk morgen beter weer, in ieder geval dan weer een blog van ons.

10. Dag 9: grijs, grauw en somber

Nee, dat is geen foutje dat de titel hetzelfde is als gisteren al had ik er vandaag koud (13 graden) en regen aan toe kunnen voegen. Wel een pluspuntje is dat we een heerlijke 15 knp wind hebben en dat de zee redelijk vlak is. We hebben nu al het zeil er weer op staan en varen zo rond de 7,5- 8 knp.
We zijn inmiddels het continentale plat opgeschoven. De diepte is hier zo’n 100-200 meter terwijl we de afgelopen weken steeds 4000-5000 meter als diepte hadden.
Is sowieso wel opmerkelijk. Komend uit Nederland ben je gewend aan dieptes van 3-4 meter (IJsselmeer), tot zo’n 20 meter (wadden en de Scheldestromen) en 40-50 meter op de Noordzee. Maar bij al die vulkanische eilanden is het meteen duizenden meters diep zodra je een mijl uit de kust bent.De bodem loopt daar altijd heel steil naar beneden.
Maar goed deze dieptes zijn dus vanaf nu weer zeg maar het ‘nieuwe normaal’.

Morgen meer.

11. Dag 10: toch nog een mooie dag

Correctie: gisteren schreef ik dat het weer een grijze en grauwe dag was. Zo rond het middaguur voltrok zich een klein wondertje. De lucht brak een beetje en daar kwam, eerst nog wat licht aarzelend, maar later vol en overtuigend de zon door. Was echt heerlijk. De noordenwind was nog wel wat fris maar het was een hele fijne afwisseling met de dagen daarvoor. Omdat de wind wat zwak was hebben we deels moeten motoren en hebben we de dag gebruikt om de boot (en onszelf) op te ruimen en schoon te maken. Alles was langzamerhand nat en klammig geworden. Dus alles zoveel mogelijk in de zon gelegd. Zelf even heerlijk gedoucht en alles dus weer lekker fris.
Om het te vieren hebben we gisteravond heerlijk zuurkool gemaakt met de laatste overgebleven worst. Was een klein feestje. Picallily en zilveruitjes ook mooi op gemaakt. Was lekker.
Na een rustige nacht zijn we inmiddels weer op de motor verder aan het varen en moeten we vanavond ter hoogte van de Scilly eilanden kunnen zijn. Dat is een eilandengroep noten zuidwesten van Engeland.
Steeds dichter bij huis dus. Morgen meer.

12. Dag 11: land in zicht! (Weliswaar Engeland en ook nog eens eiland, maar we rekenen het goed)

We zijn in het Engels Kanaal. Gisterenmiddag hebben we de motor uitgezet en na een wat aarzelend begin hebben we een verder heerlijke zeildag en -nacht gehad. Het is werkelijk een feestje zoals de boot loopt bij slechts 7 knp wind. Heerlijk halve wind door het water snijdend zonder last van hoge golven. Meteen weer verliefd op dat bootje. Aan het eind van de dag kregen we de Scilly’s in zicht en hadden we ook weer wat bereik van het mobiele netwerk: pling, pling, pling. Zo maakt de ‘bubbel’ waarin we met z’n tweeën de afgelopen anderhalve week leefden plaats voor de mobieltjes-bubbel.
Het is wel een heel dubbel gevoel nu we weer zo dicht bij huis komen. Aan de ene kant erg blij dat we iedereen (en Dokkie) weer zien. We verheugen ons weer op de Nederlandse terrasjes (top dat die weer open zijn). Ook wel weer zin om aan het werk te gaan in augustus (iets meer zingeving in het dagelijkse leven terug). Maar aan de andere kant dringt ook het besef door dat hiermee ons ‘avontuur’ voorbij is. Hier hebben we jaren naar toegewerkt, klussenlijsten afgewerkt, cursussen gevolgd, informatie avonden bijgewoond, etc. Dat is dus nu allemaal bijna voorbij. Ook jammer dat we het (net als veel andere verstrekkers) net niet af hebben kunnen maken door met onze Fifty Fifty NY aan te doen.
Maar gelukkig overheersen de mooie herinneringen aan alle prachtige landen, steden, baaitjes enzovoorts die we hebben bezocht. “Dat pakken ze ons niet meer af” zeggen wij dan altijd tegen elkaar.

Inmiddels is duidelijk dat er op Terschelling slechts een zeer beperkt aantal plaatsen beschikbaar is. Wordt dus nog twijfelachtig of we daar terecht kunnen. Afwachten maar en wordt vervolgd.

13. Dag 12: We ‘ruiken de stal’

Gisteren weer een heerlijke zeildag gehad. Klein beetje wind. Nagenoeg vlakke zee. Aan de wind en ook nog een lekker vaartje. Puur genieten. Fijn dat dit soort dagen er ook bij zitten.
We zijn inmiddels bijna aangekomen bij de Isle of Wight met daarboven de Solent. Dit is een prachtig zeilgebied maar we laten het letterlijk en figuurlijk links liggen. We willen naar huis.
Gisteren hebben we aan het eind van de middag de motor aan gezet. De wind was echt helemaal op. Nu weer even onder zeil onder het eiland langs maar we verwachten vandaag veel te moeten motoren. Overigens geldt dat eigenlijk voor de hele verdere tocht naar Nederland. Omdat we het qua diesel net wel/net niet redden, willen we toch maar even voor de zekerheid een kort tankstop maken in Dover.
Omdat we af en toe internet hebben, krijgen we langzamerhand ook een beter beeld van alle boten die op Horta (Azoren) zijn aangekomen of nog onderweg zijn. Een rode draad is dat het voor maar heel weinig boten een makkelijke tocht is geweest. Veel boten klagen over langdurig te weinig wind. De oversteek kan dan zo maar een paar dagen langer duren. Ook veel boten hebben last gehad van slecht weer en zijn uitgeweken waardoor ze zo maar weer een paar dagen moesten terug- of omvaren.
En ook veel schades. Veel kapotte autopilots, gescheurde zeilen, verstaging kapot, geen werkende motor meer, flink wat boten die hun mast zijn verloren. Het was dus zeker geen appeltje eitje. Van twee boten heb ik begrepen dat ze verloren zijn gegaan. Één boot waarmee we op de Bahama’s lagen (door blikseminslag alle apparatuur uitgevallen en na verloop van tijd voor de kust van Florida gestrand) en één boot die voor de kust van Frankrijk verloren is gegaan (stuurloos geraakt, voor de rest een beetje onduidelijk) alle opvarenden overigens in goeden doen.
Overigens hebben we van vrienden begrepen dat de Fransman van het bootje van onze ‘dappertjesdaad’ (zie eerste blog van deze oversteek) veilig de haven van Horta heeft gehaald en daar voor anker ligt.
Maar de terugtocht is duidelijk iets veeleisender dan de ‘twee-vingers-in-de-neus’ heentocht.

14. Dag 13: Soms zit het mee en soms zit het tegen…

Nou gisteren en vandaag zoals verwacht nagenoeg volledig op de motor moeten varen. Jammer, jammer, jammer maar is niet anders. We hebben voor de zekerheid (en om niet met bijna lege tanks in Nederland aan te komen) toch maar een tankstop ingelast in Dover.
Aldaar werden we tijdens het tanken flink aan de tand gevoeld door de border control. Wilden echt alles weten en vroegen ons het hemd van het lijf. Hoe lang we onderweg waren, wat voor werk we deden, welke plaatsen we allemaal hadden aangedaan, wie er allemaal het afgelopen jaar aan boord zijn geweest. Ze waren ook met name geïnteresseerd in de AIS. Waarom stond die uit (hij is sinds Horta kapot, na voor de tweede keer te zijn vervangen) en sinds wanneer dan precies. Later werd duidelijk dat er met name op (mensen)smokkel werd gecontroleerd. Als een boot niet gezien kan worden kan het helpen om de AIS uit te zetten (voor de niet-zeilers: dat is een systeem waarmee je je naam, positie en snelheid aan andere boten in de omgeving doorgeeft en van ander boten kan ontvangen). Is echt super handig en vooral veilig. Je signaleert boten om je heen al lang voor dat je ze visueel waarneemt. In het kanaal met z’n drukke scheepvaart hebben we dit dan ook erg gemist. (komen weliswaar een heel eind met de radar maar blijft behelpen).
Maar goed: getankt en weer genoten van het op en top Britse gebabbel over de marifoon en weer verder op weg naar Nederland.
En daar krijgen we weer te maken met een fenomeen dat we al weer ontwend waren: getijdestromen. Die loopt in het kanaal en op de Noordzee behoorlijk en levert soms een paar knopen snelheidsverschil op. Soms zit die mee en soms zit die tegen. (Eigenlijk net als in het echte leven: we worden zo tegen het einde van de reis nog behoorlijk zwaar op de hand)

Verder nog leuk om te vermelden is dat we inmiddels ook weer op het oostelijk halfrond zitten. We zijn gisteravond rond 10 uur de nul-meridiaan gepasseerd (zie foto). Altijd leuk momentje.

Nou morgen meer: nog een paar dagen, dus ook nog een paar blogs.

Photo

15. Dag 14: Nog een nachtje op zee

Het voordeel van weer onder de kust varen is dat je weer mobiel bereikbaar bent. Leuk om weer appjes te krijgen en helemaal leuk om dan te lezen dat deze blogjes ook daadwerkelijk gelezen worden. De afgelopen twee weken was het voornamelijk éénweg communicatie en zit je een beetje in een zwart gat te posten. Maar het is leuk om nu uit de reacties te lezen dat het niet voor niets was.
Om er maar meteen twee reacties uit te pikken:

  1. waarom kwam de blog gisteren zo laat?
    Nou, we waren eigenlijk best wel druk. Normaal schrijf ik de blogs rond 10 uur ’s ochtends, maar op dat moment voeren we Dover binnen, direct daarna de oversteek van het verkeersscheidingsstelsel met weinig zicht door regen, dus daar hadden we even onze aandacht nodig en we kwamen er dus pas last aan toe.
  2. Oh ja! Nu in één keer wel foto’s!
    Dat klopt. Op zee verstuur ik de blogjes met de satelliet telefoon en daar zijn foto’s niet mogelijk. Onder de kust hebben we mobiel bereik en kan het wel.

Nou we zijn dus bij Calais overgestoken naar de Franse kant en vervolgens via België naar Nederland gevaren. Wel een druk stukje weer. Als je maanden van zee bent gewend zonder enige beperking in manoeuvreerruimte dan is het voor de Belgische kust erg krap. Zandbanken, enorme windmolenparken en massa’s en massa’s geankerde vrachtschepen. Heb de ankerplaatsen nog nooit zo vol gezien. Ook in Engeland al. Ook veel cruiseschepen die je normaal gesproken nooit ongebruikt voor anker ziet liggen.
Maar goed was dus in het donker best wel even de weg zoeken. Om 4 uur ’s nachts zijn we de Nederlandse grens gepasseerd.
We denken dat we vandaag en vannacht nog nodig hebben om het noorden van Vlieland te bereiken en dan kunnen we morgenochtend via het Stortemelk naar binnen. Moeten waarschijnlijk wel nog wat snelheid er uit halen, willen we niet vannacht aankomen.Erg veel zin in Terschelling. Als het goed is kunnen we daar gewoon terecht.
Het steigerbier ligt inmiddels koud (dat bier wordt wel een uitdaging als we erg vroeg aankomen, maar daar slaan we ons vast wel dapper doorheen.)

Photo

16. Dag 15: Terug naar Terschelling

Weliswaar liggen we hier al weer een week op Terschelling, maar toch nog maar even een blog van onze laatste zeildag. Het was heel relaxed en we hebben nogal veel moeten motoren. Zijn keurig de maasgeul gepasseerd en ‘s nachts bovenlangs Texel en Vlieland gepasseerd.
Om half 8 meerden we af in de passantenhaven van West-Terschelling.
Voor de laatste blog over ons verblijf daar kun je meer lezen op www.sailing-fifty-fifty.nl
Veel leesplezier.